— Tjeerd Posthuma(.nl)

Archive
Column

Sinds dokter Oetker, als dokter Utker wordt uitgesproken, wordt ook het woord website verbasterd. Niemand weet waar het vandaan komt. Bij Oetker konden we tenminste de Duitsers de schuld geven. Werkt altijd met internationale conflicten.
In plaats van “wep-sait”, zegt elke presentator nu “oe-wep-sait”. De “oe” is een soort kreun, of een hijg. Erg gênant als Pieter Jan Hagens van Een vandaag moet verwijzen naar www.eenvandaag.nl, neemt u vooral een kijkje op de…

Deep Throat is er niks bij. Mark my words: over ongeveer veertig jaar worden deze beelden uitgezonden. Nationale rel, moet dat wel kunnen? Maar, meneer de voorzitter, met alle respect: het kan toch niet zo zijn dat in dit land de arme belasting betalende burger…

Het ergste is: ik had er eerst niet zo’n last van. Tot mijn vader het ging imiteren. Dan zei hij heel nadrukkelijk OE-wep-sait. Dat is namelijk imiteren. Mijn moeder keek hem toen erg raar aan.

Sindsdien hoor ik het overal. Bijna elke veertig plusser met een televisie- of radiocarrière zegt het. En blijkbaar is er niemand op hun redactie die zegt: “He, jij, ja, jij met je oe. Doet dat eens niet.” Heeft Pieter Jan geen vrouw, die ’s avonds voor het slapen gaan nog even snel zegt: “het is trouwens wep-sait, niet oe-wep-sait.”

Misschien loopt dat ook wel uit op een fikse ruzie. Het mevrouw Hagens het er al zo vaak met PJ over geprobeerd te hebben. Maar PJ is onvermurwbaar, we kennen hem allemaal. Ja, ik zie PJ eens in de week op een scherm, dus ik weet hoe PJ is. Aimabel, doch onvermurwbaar.

Is het een poging tot het goed uitspreken van een Engels woord? Dat is kul. De Van Dale erkent het als Nederlands woord. Dan mag je het ook op z’n Nederlands uitspreken. Net als PC (we zeggen gewoon “peecee” in plaats van “piesie”), drugs (“druks” en niet “drhoks”). Daarbij: de Van Dale zegt ook gewoon “wep” en niet “oe-wep”.

Los van dat: wij Nederlanders moeten de illusie van het goed uitspreken van buitenlandse woorden laten varen. Buitenlanders complimenteren ons A) uit beleefdheid, B) omdat we wit, rijk, en makkelijk te vleien zijn, C) om ons er aan te herinneren dat ze wel kunnen merken dat we buitenlanders zijn.

Dat was ook de reden dat dokter Oetker dokter Utker werd. De buitenlanders lachten ons uit. Iedereen zei namelijk al dokter Utker, maar wij, domme Hollanders, lazen gewoon wat er stond. Nu niet meer. Nu zeggen we iets anders. Zo zie je maar: waar is wat de meerderheid vindt.

Niemand heeft er rekening mee gehouden dat de meerderheid geen tijd heeft om over alles na te denken, dus dat je beter een selecte groep (bijvoorbeeld een minderheid) kunt inhuren, om een oordeel te vellen. Dat is democratie. Europa had ons moeten laten nadenken over dokter Oetker. Maar nee, Europa is verre van democratisch. Wij hadden namelijk het inzicht: wij lazen wat er stond. Maar wij moesten onze mond houden.

Nou maar hopen dat niemand Pieter Jan Hagens inhuurt om “website” te lezen.

EDIT: Ik lees nu op wikipedia dat Deep Throat een plot heeft. Dat moest ik even kwijt.

Read More

Ik heb Hyves er uit getrokken. Ooit was ik een van de eersten die er mee begonnen, nu ben ik een van de eersten die er mee stoppen. Erlinde Meertens was mij voor, helaas. Een echte revolutionair zal ik nooit worden.

Hoe heeft het zo ver kunnen komen? Als je op een gegeven moment langer bezig bent met krabbels beantwoorden, tikken uitdelen, achterhalen wie je crush is, dan met je werk. Als je op een gegeven moment gemiddeld 21 mails per dag krijgt van mensen via Hyves. Als je op een gegeven moment op memo’s schrijft: Inge krabbelen i.v.m. Grot optreden, in plaats van Inge bellen i.v.m. Grot optreden. Als Hyves je primaire bron van kennis begint te worden. Als mensen je gaan verwijten dat je ze niet feliciteert, want het staat toch op Hyves dat ze jarig zijn. Dan is dat allemaal nog niet zo erg.

Je wordt pas over de grens getrokken als je wordt uitgescholden. De Hyves-generatie. Dan krijg ik destructieve neigingen.

Trouwens: probeer je nooit uit te schrijven op Hyves. Want hoewel het de op een na bovenste is in de faq’s, staat het gelijk aan de bevalling van een drieling.

Eerst een slijmverhaal. Weet je het wel zeker? Vaak hebben mensen wat tijd nodig om hun draai te vinden. Je kunt je profiel ook gewoon afschermen. Vervolgens komt de tekst:
Flitsen er beelden voorbij van je krabbels, flarden van hyves, schimmen van vrienden?

Het is nog niet te laat! Pas als je klikt op de link in de email die we je net stuurden is je verwijdering definitief!“

En ja hoor… Voor ik het wist had ik inderdaad weer een mail van Hyves. Apart voorgesorteerd via een macro-achtig-iets in een aparte Hyvesmap, die zichzelf elke dag opschoont.

Er moet een vergissing in het spel zijn, want als we niet beter wisten zouden we denken dat je je account permanent wilt verwijderen. Hiermee verwijder je ook al je foto’s, video’s, vrienden en deel je je sociale leven een klap toe die niet zelden fataal blijkt… Vaak hebben mensen ook even nodig om hun draai te vinden op Hyves. Maar goed. Haal diep adem, tel tot 10 en klik op de link om je verwijdering definitief te maken. Gebruik je Hotmail of werkt de link niet? Copy-paste dan de link tekst naar je browser.

En dan, dan duurt het nog 24 uur. Zo moet het zijn om te sterven: eerst merk je nog niks, maar dan beginnen mensen te krabbelen, zonder dat je kunt reageren, functies verdwijnen langzaam aan volledig en pas op het einde kun je helemaal niet meer inloggen.

Maar trust me: I’m in heaven.

Read More

Vorige week schreef ik over de installatie van Ziggo. De videorecorder, die toch mocht blijven uiteindelijk en onze designkast. Vooruitgang om wille van vooruitgang, romantisering van het verleden, etcetera.

Inmiddels hebben we meer dan tweehonderd kanalen. Want digitale tv zorgt er voor dat iedereen veel makkelijker een zender kan oprichten. Over elk kanaal zou je wel een column kunnen schrijven. Dat doe je niet, uit respect voor je lezers, maar ik wil toch even een kanaal uitlichten.

Even tussendoor: we zitten nu nog in de proeftijd. Over een tijdje moeten we betalen. Dus dan dumpen we alles.
BabyTV (of Babynet, of iets anders dat duidelijk maakt dat het voor babys is). BabyTV is een van de meest fascinerende televisiezenders van die tweehonderd. Waarom? Het geeft de burger moed.

Te midden van alle “snelle zoef zoef programma’s” (ik citeer mijn oma), blijft BabyTV bij rust. Niet meer dan één camerawissel in een minuut. Alleen klassieke muziek, niks niet geen “harde boem boem muziek”. Gewoon (vermoedelijk) een student, die op zijn midi-keyboard even wat Mozart speelt.

Formats zijn eenvoudig: je kunt de hele nacht naar een aquarium kijken. Gewoon een paar zwemmende vissen. Bij de BNN zou zo iets meteen “Live natural IMproTV” heten. Bij babyTV heet het gewoon: “aquarium.” No nonsense, doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg.

’s Ochtends leven ze zich wel uit. Dan huren ze een Amerikaanse vrouw in met budgetvretende plannen: met babys en ouders in de studio plastic flessen beplakken met stickers. Grote rode cirkels, kleine gele vierkanten, dat soort stickers. Als ze dan een goede maand hebben gehad mag daar dan na afloop ook nog een hand rietjes in. Dan kun je het heen en weer schudden. Ja, kosten noch moeite worden gespaard. Bij Z@PP zou zo iets meteen “Creative Kidz Hourz” heten, of “Wicked shizzle @ morning”. Maar bij BabyTV geen rare poespas, wederom. “Knutselen met je baby” heet dit programma.

En ’s avonds komt het allermooiste. Dan hebben ze een soort Sesamstraatachtige poppen, aan touwtjes. De laatste keer dat ik keek waren het zeepaarden. Daar bewegen ze dan mee heen en weer. Daar hoeft geen verhaal in te zitten. Het geeft ook niet als ze in de knoop raken, dan komt er gewoon even een hand in beeld die de knoop losmaakt. Erg pedagogisch verantwoord, dat je kunt zien dat dingen ook uit de knoop kunnen. Hoe dit heet? “Dansende poppen.”

Het concept is briljant. Een zender oprichten voor een doelgroep die niet zijn beklag kan doen, niet weg kan lopen en waarvan de ouders heilig overtuigd zijn van het pedagogische nut (het heet toch “BabyTV, dat moet wel goed zijn!”). Alles low-budget, maar dan zo dat het met oog op de doelgroep lijkt. Het enige wat die arme koters kunnen doen als mama ze maar weer even alleen laat, is heel had schreeuwen, maar dan hebben ze in de broek gepoeptiedoeptie, of moeten ze een boertjekoertje doen, willen ze happiepappie, of zijn ze een beetje moeloeloeloe en willen ze slaapjegaapjeschaapje doen.

Zo kunnen we allemaal televisie maken.

Read More

Na lang twijfelen hebben wij het dan toch gedaan. Je moet de moderne techniek niet uit de weg gaan. Stilstand is achteruitgang. Gematigde progressiviteit is stagnatie. Dat soort kreten wisselden we uit aan de ontbijttafel. Daarbij: het is toch wel een beetje amateuristisch als de dominee geen Spirit 24 kan ontvangen, of Nederland Zingt in matige kwaliteit. Dan kun je je niet meer verschuilen achter calvinisme, nee, zeker niet met de huidige prijzen en markten. Je moet ook de economie stimuleren, zeker als dominee

Dus wij hebben digitale TV aangeschaft. Van Ziggo. Niet omdat we nou zo fan zijn van Ziggo, maar we zaten daar gewoon al met de kabel. Wij vinden het prettig als er zo min mogelijk gedoe is, qua overstappen en zo.

Pakketje thuisbezorgd. Paarsachtig doosje. Drie handleidingen, een formulier dat we moesten invullen, vijf garantieverklaringen en twee WARANTY DO NOT USE THIS PRODUCT-vodjes later mocht ik het installeren. In drie stappen.
Wij hebben een tv, een dvdspeler en een videorecorder. Dvd en video zijn allebei via een scartkabel aangesloten. Ziggo wilde ook scart. Dus moest een van de twee er uit. Na een kort overleg en een paar politieke kreten (“Conservatisme is slechts het verleden romantiseren.”), besloten we dat het de videorecorder ging worden.

Dat was op vele manieren de beste beslissing. Want al snel bleek dat de kabelontvangst de afgelopen tien jaar ook via de video recorder had gelopen. Persoonlijk vond ik dat een rare constructie. Maar wie ben ik om te oordelen over wat gewoon was in het verleden?

Het verwijderen van de videorecorder was veel gedoe. Naast dat het een verassend zwaar ding is, hadden wij ook alles best mooi weggewerkt. De achterkant van de videorecorder bereikbaar maakte koste mij al een kwartier. De kabels verwijderen en oprollen, koste mij ook ongeveer een kwartier. Alles was esthetisch verantwoord verstopt, desondanks toch in de knoop.
Vervolgens moesten de audioversteker, de radioontvanger, de cdspeler en de dvdspeler weer terug in de kast. Wij hebben zo’n mooie, ouderwetse, retro stereotoren. Iemand zei een keer dat je daar iPods voor hebt. Maar vooruitgang omwille van vooruitgang is niet goed.

Had ik al gezegd dat ik ook even moest stofzuigen? De gemiddelde astmapatiënt zou zijn graf hebben gevonden in onze esthetisch verantwoorde Lundia mediakast.

Vervolgens de videorecorder naar zolder gebracht. En het kastje van Ziggo op de plaats van de videorecorder gezet, kabels getrokken, weggewerkt. Daarin moet ik ze gelijk geven: dat is een eitje. Het grootste werk zit er om heen.

Na twee uur werk zat ik trots op de bank, met een verstoft en bezweet gezicht naar het digitale beeld te kijken. Wat later komt mijn moeder binnen. “Kijk,” grijns ik trots. En ik wijs naar het modern ogende (want de videorecorder ontbreekt en er is een kleiner kastje voor in de plaats) mediameubel.

“Jaja, heel mooi, maar kun je de videorecorder weer terugzetten?”

“Maar hij doet het toch niet, we komen ingangen te kort.”

“Hij hoeft het ook niet te doen. Maar anders is er zo’n leegte, dat vind ik een beetje lelijk.”

Read More

Ik ben absoluut geen kampeerheld. De vraag is dan ook waarom ik mij laat verleiden tot het jaarlijkse kampeerweekend tijdens Hemelvaart.

Dit jaar ging ik met een aantal vrienden. We waren met zijn zessen, verdeeld over drie tenten. Tenten, ja. Echt kamperen doe je in tenten, niet in caravans. Dan mag het eigenlijk geen kamperen meer heten. Aan gezelligheid geen gebrek. Maar om de een of andere reden vind ik het afschuwelijk om ’s nachts een paar honderd meter door de regen te lopen, om te kunnen plassen in een toilet waar een mengsel van water, urine, zand en nog iets onbestemds over de tegelvloer ligt.

Voor het douchen geldt hetzelfde. Je kunt douchen wat je wil, maar door de omstandigheden blijf je je smerig voelen. Daarbij komt dat de douche altijd of te koud is. En de geur van zonnebrand, gras, zweet, sigaretten en alcohol is ook niet met een gewoon douchegelletje te verwijderen.

Insecten zo ver het oog reikt. Ik heb niks tegen beesten. Maar wel tegen het effect dat ze hebben: krijsende kinderen, opgezwollen armen, jeukende benen. Ze vliegen in je ogen, in je mond, in je oor en in je kleren. En niet te vergeten in je tent.

Dus als je dan ’s avonds je tent in gaat en in je slaapzak kruipt, is het survival of the fittest-feest aangebroken.

Ook zo iets: een tent. Wie heeft dat ooit bedacht? Dat zo iets handig is? Iets dat ongeveer een uur kost om met z’n allen op te zetten (“Nee joh, ik weet nog wel hoe ‘ie in elkaar moet, ik kan best zonder die handleiding”), waar je altijd over struikelt ’s nachts, waar je niet fatsoenlijk recht op in kunt staan en als je pech hebt de binnentent tegen de buitentent aan zat en het dus alsnog lekt.

En alles, maar dan ook echt alles wordt klam. Je kleren, je boeken, je eten, je schoenen en ook je slaapzak. Ik heb de meest mooie boeken ten onder zien gaan op dat veld: paperback, hardcover, alles sneuvelde.

Het is ook altijd wachten op de regen. Wie gaat er dan ook kamperen met Hemelvaart? Dan is het nog wisselvallig. Dan kun je er vergif op in nemen dat het een keer gaat regenen, onweren, hagelen. En dan niet even een miezerbuitje, nee, echt ouderwetse Wadden Eilanden regen. Regen die zo intens en zo lang is dat je je afvraagt of het ooit wel droog is geweest, of God ooit iets als de zon heeft ontworpen.

Dus na de eerste dag komt altijd weer de vraag boven drijven: waarom, als we geloven in evolutie, gaan we dan kamperen? Kamperen is zo overduidelijk een stap terug in de evolutie en een poging tot zelf destructie. Darwin draait zich om in zijn graf.
En toch roep ik altijd weer aan het einde van die vijf vervloekte dagen, uit een soort van automatisme, tegen iedereen: “Ja, was leuk, ja was gezellig, volgend jaar weer, hè!”

Read More

Ik ben weer gaan zwemmen. Waarom? Een gezonde geest, in een gezond lichaam. Gratis douche. En het is het enige wat ik een beetje kan. Ik ben heel erg slecht in sport.

Toen ik klein was en op de basisschool zat, kregen we altijd overal beoordelingen voor. Zo ook voor gym. Gym werd onderverdeeld in drie beoordelingscategorieën: inzet, talent (of iets wat daar op leek) en motoriek.

Inzet: prima. Talent: nee. Motoriek: nauwelijks waarneembaar.

In een toelichting wilde een gymleraar nog wel eens zeggen: “het is wel knap dat ‘ie het volhoudt, terwijl hij er echt helemaal niks van bakt.” Dit raakte mij trouwens niet echt, want ik kon toen nog niet lezen en mijn ouders zeiden altijd dat ik een goed rapport had.

Maar de blikken van de andere kinderen spraken boekdelen.

Ik heb heel lang gedaan over mijn zwemdiploma A en mijn B. Dus ik heb lange tijd intensief gesport. Daarna heb ik nog mijn C gehaald (stuk makkelijker), snorkelen 1,2 en 3, zwemvaardigheid 1, 2 en 3, reddend zwemmen 1, 2 en 3 en waterpolo 1. De aanhouder wint. Inzet prima.

Daarna had ik er genoeg van. Ik denk dat ik in groep acht zat, toen ik stopte met zwemmen.

En nu ben ik weer begonnen. Anders word je dik. Niet met les, hoor. Nee, zelfstandig met een 25-knippen kaart. De gedachte roept misschien een soort retro vodje op waarin kleine gaatjes zijn geperforeerd, maar het is gewoon een witte pas die je in een raar soort van pinautomaat stopt. Zo moet het leven zijn, de suggestie van retro, met het toppunt van moderne techniek.

Het eerste dat tot mij doordrong toen ik in het water kwam was dat ik mijn zwembril vergeten was. Of nou ja, “vergeten”, ik heb hem gewoon niet. Is dat onhandig dan? Wel als je zonder nekklachten het bad uit wilt. Ik ben nu al vier keer geweest, en ik heb nog steeds geen zwembril. Ik wil ook geen nekklachten, dus het zwemmen begint een soort van zelfkastijding en blindering te worden.

Sporten is gezond. Nekklachten zijn je eigen schuld. Als sporten ongezonde gevolgen heeft, dan is het je eigen schuld, dan doe je zelf iets fout. De Sport heeft het nooit gedaan.

Sporten is voor alle leeftijden. Dat viel mij ook op toen ik in het zwembad dook. Geen van de vijftigers maakte er een probleem van dat ik veel jonger was dan zij. Men accepteerde mij. Ook al detoneerde ik met mijn half lange zwembroek te midden van de Speedo zwemslips. Ook al had ik geen gesprekspartner meegenomen. Ook al had ik geen brilletje. Het gaf niet.

Misschien is zwemmen wel de post-moderne metafoor voor de moderne multiculturele samenleving: retro met moderne techniek, zelfkastijding door eigen onhandigheid, maar vervolgens wel acceptatie door de groep, ondanks je eigen onhandigheid, gelijkheid zover het oog strekt. Misschien is het een vooraankondiging van het Koninkrijk van God op aarde. Misschien had Karst Tatus eigenlijk moeten zwemmen.

Misschien ook niet.

Read More

Afgelopen week stond er een artikel van mij in NRC Next. Een artikel over opgroeiende jongens, dat we het zwaar hebben, want er is nergens een rolmodel te vinden dat gevoelig is. Als je naar de media kijkt is het net alsof je als jongen alleen maar stoer moet zijn. Wij (jongens) worden niet gewaardeerd en waarderen onszelf niet. Groot drama met als laatste een schreeuw om een rolmodel.

Dat heb ik geweten.

Ik kreeg om 8:30 een e-mail van een man. Iemand die heel goed begreep wat ik bedoelde. Dat wat ik heb, hebben heel veel mensen, dat heet namelijk faalangst. En voor maar €140,00 bood hij een cursus aan die mij daar van af hielp. Ik kwam dan ook meteen in contact met anderen die mij begrepen. Ik heb de man teruggemaild en uitgelegd dat ik hem een zak vond.

Via Twitter kreeg ik een berichtje van iemand die zich heel erg herkende in mijn artikel. Een man van in de veertig. Of we een keertje gezellig wat konden afspreken om gezellig gedachten uit te wisselen.

Mijn moeder belde de ochtend dat mij artikel in de krant stond, met mijn oma. Ze vertelde kort waar mijn artikel over ging. Dat ik mij er over beklaagde dat er geen goede rolmodellen waren voor jongens.

Diezelfde middag belde mijn oma terug. Dat op zich stemt ons huishouden al bijzonder verbaasd. Mijn oma belt zelden, mijn oma laat bellen. Ze vertelde mijn moeder dat ze nog eens had nagedacht, over dat artikel van mij, en een aantal rolmodellen had gevonden: (in willekeurige volgorde) Willem Barentsz, Michiel de Ruyter en Ko de Boswachter.

Leuke achtergrondinformatie is dat mijn oma in de Barentszstraat heeft gewoond, vlakbij de Ruyterstraat. Hoe ze dan bij Ko de Boswachter komt, is een raadsel. Misschien willen we dat ook niet weten. Is het voor de rust in de familie beter om het verleden stil te houden.

Achtergrond informatie bij Ko de Boswachter: hij kraakte op de televisie een oude boshut in het Bosbessenbos, om te voorkomen dat deze gesloopt werd. Hij deed dat samen met postbode Anton Gleuf. Boefjes zijn het.
Dan ben ik trouwens nog liever postbode Anton Gleuf.

Mijn rolmodellen zijn eigenlijk: Elmo, Tommie en de man van Carice van Houten (want die is getrouwd met Carice van Houten). Maar Elmo en Tommie zijn nep. Schijnt. Bij mij kwam dat ook hard aan, hoor. En de man van Carice van Houten is nog niet echt haar man, maar alleen haar vriend. Dus eigenlijk is die er nog niet. Wat wel weer hoopgevend voor mij is.

Al met al een enerverende en leerzame week.

Leermomenten voor het volgende artikel: schrijf nooit, maar dan ook nooit in de ik-vorm, vermeldt duidelijk dat inhoudelijke reacties altijd worden gewaardeerd (reclame en pedofilie niet) en censureer de versie die naar de familie gaat.

Leermomenten voor het leven: poppen leven niet, ook niet in Sesamstraat, schrijf nooit een serie waarin mensen voorkomen die “Gleuf” heten en mensen zijn altijd op je geld of je lijf uit.

Read More

Hoe reageerden we op een Suzuki Swift die in Apeldoorn op een monument in rijdt?

Bijna iedereen heeft mogen zeggen hoe hij of zij reageerde. Iedereen behalve ik. Ik zat namelijk binnen voor de tv. Desondanks wil ik nu heus wel even zeggen hoe ik reageerde. Geschokt. Net als die 74 andere mensen die life geïnterviewd werden door de NOS. Uiteraard zo ingetogen als maar kon.

Er 37 hyves opgericht om onze “(l) te betuigen aan de Koninklijke familie en de slachtoffers!!!!!!!!!!!!!!!!!!” Persoonlijk vind ik die uitroeptekens wat veel. Dat had wat ingetogener gekund.

Een andere hyve was een stuk intelligenter “De Koninginnedag Apeldoorn 2009 nooit meer hyve”. Inderdaad is Koninginnedag 2009 in Apeldoorn eenmalig. Anders is het ook niet ingetogen.

Zelfs Ajax speelde ingetogen afgelopen weekend. En Marco heeft ingetogen zijn ontslag genomen. Dit leidde tot een ingetogen feest onder de ingetogen supporters.

Ik zelf ben Karst meteen gaan volgen op Twitter. Veel hipper. Hij heeft ook helemaal geen Hyves, of is echt niet te vinden. Ingetogen, hoor.

Arme Astrid Kersenboom reageerde wat paniekerig. Wie zou dat niet doen in haar plaats? Het besef dat je vijf uur zendtijd moet opvullen met drie feiten: zwarte Suzuki Swift, mogelijke aanslag op het koningshuis (zonder explosieven of een volle tank), en om 15:45 is er een persconferentie. Dit leed automatisch tot een ingetogenere uitzending dan tot dan toe.

Elke politieke partij reageerde met een ander synoniem voor geschokt: onthutst, verbijsterd, een groot gevoel van onbegrip, het kan toch niet zo zijn dat in dit land… etcetera. Een mooi, doch ingetogen scala aan synoniemen.

De vele filmpjes op Youtube laten trouwens ook een schitterende reactie zien van de politie. De manier waarop de politie in burger opeens uit het publiek rent. Het was bijna James Bond. Er is één agent (te zien op de NOS tapes) die na het ongeluk zwaar geïrriteerd en verveeld naar de auto toe loopt. Op z’n dooie (ingetogen) gemak. Ik zat er op te wachten dat de man op het autoraampje zou kloppen, zou gebaren dat het naar beneden moest en dan zou vragen: “hoe hard dachten we dat we reden? Dachten we dat we piloot waren? Noemen we dat ingetogen?”

Of die ene beveiligingsman van de bus die op het trappetje springt van de bus, zodat ‘ie niet meer hoeft te lopen. Lopen is ook wel wat uitbundig, wat wild en het moest wel ingetogen.

Het radiocommentaar was ook briljant, een goede analyse van de situatie. “Dit is serieus.” Toch maar goed dat we journalisten hebben die op zo’n moment het hoofd koel houden en vrij ingetogen reageren.

Ook de NOS kwam binnen anderhalf uur met een reconstructie. Vernieuwend, het voegde toe aan de beelden die we al hadden. Twee streepjes: de ene was de auto die van links kwam, de ander de bus. Niemand had gedacht dat die auto van links kwam. Nu wisten we het eindelijk, dankzij de ingetogen analyse.

De overige Koninginnedag festiviteiten, televisieprogramma’s (behalve dan die waar Joost Zwagerman in zat), de Vier Mei herdenking, alles werd ingetogen.

Zelfs de Dalai Lama zou het zat worden, dat ingetogene.

Read More

Hans Adriani (Hans_Adriani) is now following you on Twitter.

Ja ik heb Twitter, al een tijdje voor de grote Twitter-rellen trouwens. Dat politici rare uitspraken deden via Twitter. Dat politici niet politici bleken te zijn, maar zweterige nerdjes die die belastingzuigers-uit-den-haag-daarow een hak wilden zetten. Dat de foto’s van de revoluties eerder op Twitter waren dan bij de NOS. Ik lag toen in de front-line, met 14 “followers_me”. Wij hebben de dagen van de ideale Twitter nog meegemaakt.

Voor mensen die niet weten wat Twitter is: dat valt ook niet uit te leggen. Een soort smsjes aan de hele wereld. Het kan via je computer, via je telefoon en via je iPod. Is het zoals Hyves? Nee, niet zoals Hyves. Twitter is de nieuwe samenlevingsvorm. “Politiek 2.0 noemde Hans_Adriani het.” Kijk de introductie gewoon een keer op www.twitter.com.

Voor de mensen die niet weten wie Hans_Adriani is (zoals ik eerst): Hans_Adriani, a.k.a. Hans Adriani is een politicus uit Nieuwegein. “Raadslid PvdA gemeente Nieuwegein” staat in zijn Bio op Twitter. Een socialist dus.

Ik vond dat mijn Twitter nu opeens politiekgekleurd was. Dat kon ik mijn “followers_me” niet aan doen. Niet mijn mannen en vrouwen waarmee ik in de frontline lag. Het suggereert ontrouw. Om Adriani te compenseren ben ik ook Alexander Pechtold gaan volgen. Om misverstanden te voorkomen. Alleen Twittert die niet half zo veel als Hans. Alexander Twittert eigenlijk niet. Ik heb nog niks van hem gehoord, in die ene week dat ik hem volg.

Adriani is trouwens wel een van de weinigen die echt iets doet met zijn Twitteraccount. Bij sommigen gaan de mededelingen niet verder dan: “Ik ga naar de wc”, “Dat luchtte op”, “Tijd voor een koekje”. Ik moet bekennen dat ik mij daar ook wel eens schuldig aan maak. Je wilt ook niet te lang stil vallen, zoals Alexander. Adriani houdt mij op de hoogte van debatten, het verloop daarvan, de uitkomst, etc. Dat scheelt mij zo drie uur televisiekijken. Twitter denkt voor je en filtert de informatie voor je.

Als je een rare uitspraak doet wordt je zo in elkaar getweept. Alles om Twitter te beschermen.

Kende je het woord in elkaar getweept niet? Op Twitter is het een soort Smurfenland: alle werkwoorden kun je vervangen door “Tweepen” en alle lijmwoorden of bijvoeglijk naamwoorden met “Twitter.”

Of als je even niks van je laat horen. Dan krijg je meteen berichtjes van je followers_me: waarom ben je zo stil? Wat ben je aan het doen? Waar was jij gisteren dan? Hoe durf jij je maten in de steek te laten? Wij schrijven hier toch geschiedenis met zijn allen? Hoe durf jij dan er even een dagje tussen uit te gaan, met je vriendin, zonder te zeggen waarheen?

Er zijn mensen die je in de stad hebben gezien, met een mobiele telefoon. Waarom heb je toen niet getwitterd? Met wie was u daar? U kunt nu nog meewerken. Bedenkt u toch wat Twitter voor u heeft gedaan, en wat Twitter voor u kan betekenen.

Staatssicherheitsdienst, essen sie dein Herz aus, bitte.

Read More

Ik ben in Amsterdam geweest. Nu kom ik daar wel vaker. Ik hoop er zelfs ooit nog eens te gaan wonen. Samen met een paar vrienden ging ik naar een culturele bazaar “aan de andere kant van het IJ”. Een van de vele festivals en culturele dingen die er in Amsterdam georganiseerd worden.

Blijkbaar weet iedereen in Amsterdam waar je het over hebt als je zegt “de andere kant van het IJ”. Ik zou toch zweren dat dat soort gegevens relatief zijn. Dat het allemaal nauw samenhangt met de locatie van het object dat de uitspraak doet. Misschien is dat de provinciegeest die in mij is. Misschien is er in Amsterdam gewoon voor iedereen duidelijk vast gesteld dit is “deze kant”, daar aan de andere kant is “de andere kant”.

Over provinciegeesten gesproken: groet nooit een buschauffeur in Amsterdam. Ik groette de man die de 43 richting Borneo Eiland bestuurde. Ik liep de bus uit, ondertussen knikte ik via de achteruitkijkspiegel naar de buschauffeur en mompelde wat. Nog nooit keek iemand mij zo vervreemd aan, ietwat moordlustig was de blik zelfs. Het ga-je-koeien-melken-vuile-provinciaal droop er van af.

Zijn wij dan provincialen? Voor Amsterdammers duidelijk wel. Dat vertelden mijn vrienden een keer. Voor Amsterdam is alles of Amsterdam, of de provincie. Utrecht is het Neude met drie straten. Nieuwegein is een overambitieuze provinciestad, net als Almere, die zich gewoon moet gaan neerleggen bij het feit dat ze eigenlijk een buitenwijk van Utrecht is.

Wij hebben in het centrum iets van drie cafés. Zij hebben in elke straat iets van drie cafés. Waarvan eentje “gewoon” niet dicht gaat.

Zeg trouwens nooit in Amsterdam dat wij een centrum hebben. Zeg sowieso niks over dat wij onze stad in stadsdelen hebben ingedeeld. Dat wij gebieden hebben, wijken. “Nieuwegein is zo groot als een stadsdeel in Amsterdam.”

Ik heb ze niks durven te vertellen over de geruchten dat wij ’s nachts één politiewagen delen met IJsselstein en Lopik. Ik weet niet of het waar is, maar het idee alleen al dat dat mogelijk is, is voor Amsterdammers weer een reden om ons uit te lachen.

Wij praten ook met een accent. Een beetje boers.

Ik vond dat Amsterdammers ook met een accent praten. Dat idee is er dit weekend uitgeslagen door een aantal festivalgangers. Geloof me: Amsterdammers hebben geen accent, praten keurig algemeen beschaafd Nederlands.

Wij stinken ook naar mest. Mest stinkt in Amsterdam. Hier is het meer een gegeven, soms ruikt het naar mest, met de goede wind.

Wij hebben een park. Zijn hebben parken.

Wij hebben een parkeerprobleem. Zij kunnen niet parkeren.

Wij hebben vandalisme. Zij hebben aanslagen (die ze dan ook nog eens weten te verijdelen).

Ja, het is me goed ingewreven. Ik heb ze nog niet durven vertellen dat wij voor ons enige festival (Geinbeat), een locatie zoeken waar we meer herrie mogen maken en langer mogen door gaan. Laten we dat nou maar allemaal even stilhouden.

P.s. mocht de burgemeester zich zorgen maken: er is een week over deze column gegaan. Voor vragen kunt u zich echter altijd richten tot de uitgever: 020 585 32 05.

Read More